← Blog
Blog

Woon-werkverkeer vergoeding verplicht België? Regels 2026

Door Gepubliceerd 5 min leestijd

Bijgewerkt en cijfers gecontroleerd op

belastingvrij per jaar, eigen wagen
€ 500
belastingvrij per jaar, eigen wagen
PC 200: eigen wagen, deel treinkaart
50%
PC 200: eigen wagen, deel treinkaart
uiterste betaling tijdelijke verhoging
31 oktober 2026
uiterste betaling tijdelijke verhoging

In België is alleen de tussenkomst in de trein en het ander openbaar vervoer wettelijk verplicht, net als de fietsvergoeding. Voor de eigen wagen betaalt u alleen als uw paritair comité het oplegt, zoals PC 200, PC 302 en het goederenvervoer. Fiscaal is een vergoeding voor de eigen wagen vrijgesteld tot € 500 per jaar.

Is een vergoeding voor woon-werkverkeer verplicht? Het antwoord per vervoermiddel

De basis is de cao nr. 19/9 van de Nationale Arbeidsraad, aangepast door de cao nr. 19/11 die sinds 1 juni 2024 geldt. Die nationale regels zijn een minimum. Uw sector mag meer geven, niet minder.

VervoermiddelVerplicht?Wat u minstens betaalt
TreinJa, ongeacht de afstandEen vast bedrag per afstand en type abonnement, dat mee stijgt met de prijzen van de NMBS
Tram, bus, metro met afstandstariefJa, zonder minimumafstandHet bedrag voor de trein, met een maximum van 75% van de werkelijke prijs
Tram, bus, metro met eenheidsprijsJa, zonder minimumafstand71,80% van de werkelijke prijs, maximaal het bedrag voor de trein bij 7 km
FietsJaHet bedrag van uw sector of van de cao nr. 164
Eigen wagen of motorNee, tenzij uw sector of uw onderneming het oplegtWat de sectorcao of uw eigen regeling bepaalt

De fiets heeft eigen bedragen en een eigen plafond. Die leest u in onze blog over de fietsvergoeding voor werkgevers. Hieronder gaat het over trein, bus en wagen.

De vergoeding voor woon-werkverkeer per paritair comité: 124, 140, 200 en 302

Voor de eigen wagen maakt uw sector het verschil. Dit zijn de regels in de vier paritaire comités waarin de meeste van onze klanten werken.

Paritair comitéTrein en openbaar vervoerEigen wagen
PC 124 bouw (arbeiders)Reiskosten volgens het sectorbarema voor de trein, plus een mobiliteitsvergoeding van € 0,09 per km op de treinkaartReiskosten vanaf de eerste kilometer volgens het sectorbarema, plus een mobiliteitsvergoeding vanaf 10 km per dag
PSC 140.03 goederenvervoer (arbeiders)90% van het vervoerbewijs, 80% voor de trein met derdebetalersregelingVanaf 1 km, volgens de sectortabel per afstand
PC 200 bedienden100% van de treinkaart tweede klasse, sinds 1 januari 202650% van de prijs van een maandtreinkaart, vanaf 3 km enkele reis, bij een brutojaarloon tot € 36.688
PC 302 horecaTrein volgens de nationale tabel; tram, bus en metro 80% van de betaalde prijs, maximaal het tabelbedrag voor 16 km70% van de prijs van een treinkaart tweede klasse, vanaf 1 km

Woon-werkverkeer vergoeding in de bouw. Een bouwvakker krijgt twee vergoedingen. De reiskosten dekken het vervoermiddel. De mobiliteitsvergoeding vergoedt in de praktijk de reistijd, voor wie met eigen vervoer of als passagier tot 59 km per dag aflegt aan € 0,06 per km. Alle schijven staan in onze gids over paritair comité 124.

PC 200. De loongrens telt loon en premies samen. Een bediende die eronder valt, heeft recht op de tussenkomst, ook als zijn collega's erboven zitten. De andere sectorregels staan in onze gids over paritair comité 200.

Een vergoeding voor woon-werkverkeer met de auto in 2026: RSZ en belastingen

RSZ. Een terugbetaling van de kosten tussen woonplaats en werk is geen loon. U betaalt er geen bijdragen op, zolang ze echte kosten dekt. Voor een kilometervergoeding met de eigen wagen aanvaardt de RSZ in het vierde kwartaal 2026 maximaal € 0,45 per km. Een vast bedrag dat niets met de afstand te maken heeft, ziet de RSZ als loon.

Belastingen. Een tussenkomst in de trein, tram, bus of metro is volledig vrijgesteld. Voor de eigen wagen of de motor is de vergoeding vrijgesteld tot € 500 per jaar, en alleen als de werknemer de forfaitaire beroepskosten gebruikt. Wat erboven gaat, is belastbaar loon waarop u bedrijfsvoorheffing inhoudt. Het vrijgestelde deel staat op de fiche 281.10.

Rekenvoorbeeld: een werknemer die met de eigen wagen komt

Bediende in PC 200. Ze woont 25 km van kantoor en verdient met premies 34.000 euro bruto per jaar, onder de grens van € 36.688. U betaalt € 64 per maand, of 768 euro per jaar.

  • RSZ: niets, want het is een terugbetaling van woon-werkkosten.
  • Belasting: € 500 is vrijgesteld. De overige 268 euro is belastbaar loon.
  • Uw kost: 768 euro, zonder werkgeversbijdragen.

Arbeider in het goederenvervoer (PSC 140.03). Hij woont 20 km van het depot. De sectortabel geeft € 44,69 per volle maand. Werkte hij een maand maar 18 dagen en zet u de maandvergoeding om in een dagbedrag, wat de sectorcao toelaat, dan rekent u met het dagbedrag van een vijfdagenweek: 18 x € 2,06 = 37,13 euro. Krijgt hij twaalf volle maanden, dan komt hij op 536,28 euro: 36,28 euro boven de fiscale vrijstelling.

Fouten die werkgevers maken met de woon-werkvergoeding

  1. Korte busritten niet vergoeden. Sinds de cao nr. 19/11 bestaat er voor tram, bus en metro geen minimumafstand meer.
  2. Een vast autobedrag voor iedereen. Zonder verband met de afstand behandelt de RSZ het als loon, met bijdragen en een correctie achteraf.
  3. De sectorregel voor de wagen niet kennen. In PC 302 en het goederenvervoer is een tussenkomst voor de eigen wagen al verplicht vanaf 1 km. Wie ze niet betaalt, moet ze met terugwerkende kracht bijpassen.
  4. De fiscale grens negeren. Ligt de vergoeding hoger dan € 500 per jaar, dan moet het surplus als belastbaar loon op de loonbrief en de fiche 281.10.

Wat Business Centrum hierin voor u doet

Business Centrum zet de regels van uw paritair comité om in uw loonadministratie, samen met Acerta: de treinkaart, de tabel voor de eigen wagen, de dagbedragen bij onvolledige maanden en de fiscale grens. We houden de verklaringen over vervoermiddel en afstand bij, passen de tabellen aan wanneer de NMBS haar prijzen wijzigt en zetten het vrijgestelde en het belastbare deel correct op de fiche 281.10.

Woon-werkverkeer vergoeding verplicht België? Regels 2026: veelgestelde vragen

Wat is een derdebetalersregeling met de NMBS?

Een overeenkomst waarbij u de treinabonnementen van uw werknemers rechtstreeks aan de NMBS betaalt. U neemt minstens 71,8 procent van de prijs voor uw rekening. Verhoogt u dat naar 80 procent, dan betaalt de overheid de rest en is het abonnement gratis voor de werknemer.

Moet ik woon-werkverkeer vergoeden als een werknemer met de bedrijfswagen komt?

Nee. De wagen zelf dekt de verplaatsing. Voor de RSZ is het gebruik van een bedrijfswagen geen loon, maar u betaalt wel een solidariteitsbijdrage die afhangt van de CO2-uitstoot en de brandstof. De werknemer betaalt belasting op het voordeel van alle aard.

Hoe bewijst een werknemer zijn woon-werkafstand?

Met een verklaring op erewoord over zijn vervoermiddel en de afstand, die hij aanpast bij elke verhuizing of wijziging. Voor de trein en het openbaar vervoer geldt de afstand op het abonnement. U mag de verklaring altijd controleren, bijvoorbeeld met een routeplanner.

Betaal ik woon-werkverkeer voor dagen waarop de werknemer thuiswerkt?

Voor de eigen wagen rekenen veel sectoren per gewerkte dag. In het goederenvervoer (PSC 140.03) mag u de maandvergoeding omzetten in een dagbedrag en dat vermenigvuldigen met de dagen waarop de werknemer echt naar het werk reed. In de horeca betaalt u voor een onvolledige maand 1/21,66 van het maandbedrag per gewerkte dag.

Lees ook

Bronnen

Elk bedrag en elke termijn op deze pagina is getoetst aan deze officiële bronnen, laatst geraadpleegd op .

Woon-werkverkeer vergoeding verplicht België? Regels 2026

Liever dat iemand het voor u nakijkt?

Uw vast aanspreekpunt bij Business Centrum bekijkt het voor uw situatie, samen met Acerta.