De opzegtermijn is het aantal weken dat een arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur nog loopt na een ontslag, en hij hangt af van de anciënniteit en van wie opzegt. Zegt de werkgever op, dan loopt hij van 1 week tot meer dan een jaar. Zegt de werknemer zelf op, dan is hij nooit langer dan 13 weken. Sinds 2026 telt ook de startdatum van het contract: wie op of na 1 augustus 2026 begon, heeft in de eerste 6 maanden 1 week opzeg, wie ook opzegt.
Wilt u meteen een datum? Vul de startdatum en de datum van de brief in bij opzegtermijn berekenen: de tool geeft het aantal weken, de maandag waarop de opzeg begint en de einddatum. Hieronder staat waarom de uitkomst is wat ze is.
Opzegtermijn 2026: wat is er veranderd?
De tabel van 1 januari 2014 geldt nog altijd, voor arbeiders en bedienden samen. In 2026 kwamen er twee aanpassingen bij, en beide gelden alleen voor nieuwe contracten:
- Contracten vanaf 1 juni 2026: de opzeg van de werkgever stopt bij 52 weken. Dat plafond speelt pas vanaf 17 jaar anciënniteit, dus in de praktijk vanaf 2043.
- Contracten vanaf 1 augustus 2026: in de eerste 6 maanden is de opzeg 1 week, zowel bij ontslag door de werkgever als door de werknemer.
Wie voor die datums begon, houdt de oude cijfers. In één bedrijf kunnen dus twee werknemers met dezelfde anciënniteit een andere opzeg hebben. Hoe dat uitvalt bij drie ontslagen, met de wetten erbij, leest u in de nieuwe opzegtermijnen van 2026.
Opzegtermijn tabel: werkgever en werknemer naast elkaar
De opzeg wordt uitgedrukt in weken. Lees de rij van de anciënniteit op de dag waarop de opzeg begint en de kolom van wie opzegt.
| Anciënniteit | Werkgever, start voor 1 augustus 2026 | Werkgever, start vanaf 1 augustus 2026 | Werknemer, start voor 1 augustus 2026 | Werknemer, start vanaf 1 augustus 2026 |
|---|---|---|---|---|
| minder dan 3 maanden | 1 | 1 | 1 | 1 |
| 3 tot 4 maanden | 3 | 1 | 2 | 1 |
| 4 tot 5 maanden | 4 | 1 | 2 | 1 |
| 5 tot 6 maanden | 5 | 1 | 2 | 1 |
| 6 tot 9 maanden | 6 | 6 | 3 | 3 |
| 9 tot 12 maanden | 7 | 7 | 3 | 3 |
| 12 tot 15 maanden | 8 | 8 | 4 | 4 |
| 15 tot 18 maanden | 9 | 9 | 4 | 4 |
| 18 tot 21 maanden | 10 | 10 | 5 | 5 |
| 21 tot 24 maanden | 11 | 11 | 5 | 5 |
| 2 tot 3 jaar | 12 | 12 | 6 | 6 |
| 3 tot 4 jaar | 13 | 13 | 6 | 6 |
| 4 tot 5 jaar | 15 | 15 | 7 | 7 |
| 5 tot 6 jaar | 18 | 18 | 9 | 9 |
| 6 tot 7 jaar | 21 | 21 | 10 | 10 |
| 7 tot 8 jaar | 24 | 24 | 12 | 12 |
| 8 tot 9 jaar | 27 | 27 | 13 | 13 |
Vanaf 8 jaar blijft de opzeg van de werknemer op 13 weken staan. De opzeg van de werkgever groeit verder met 3 weken per begonnen jaar tot 20 jaar, en daarna trager. De volledige werkgeverstabel tot 25 jaar, met de kolom voor het plafond, staat in de gids opzegtermijn werkgever, samen met drie rekenvoorbeelden in euro.
Opzegtermijn bij ontslag door de werknemer: zelf ontslag nemen
Een werknemer die zelf ontslag neemt, geeft de korte kolom uit de tabel: 1 week in de eerste drie maanden en hoogstens 13 weken, hoe lang hij ook in dienst was. Dat geldt voor een bediende en een arbeider op dezelfde manier.
Drie dingen om te weten als werkgever:
- De vorm. De werknemer betekent zijn opzeg met een geschrift dat hij u overhandigt en waarvan u een duplicaat tekent voor ontvangst, met een aangetekende brief of via een gerechtsdeurwaarder. Een mondelinge opzeg voldoet niet aan die vorm.
- De inhoud. Ook de brief van de werknemer vermeldt de begindatum en de duur van de opzeg. Ontbreekt dat, dan kunt u de opzeg nietig laten verklaren. Vaak spreekt u dan beter samen een einddatum af en zet u die op papier.
- Geen schorsing. Wordt de werknemer ziek of neemt hij vakantie tijdens zijn eigen opzeg, dan schuift de einddatum niet op.
Wil de werknemer sneller weg en gaat u akkoord, dan kan het contract in onderling akkoord eindigen op een datum die u samen kiest. Hoe u dat netjes vastlegt, leest u in ontslag in onderling akkoord.
Opzegtermijn bij ontslag door de werkgever
Een werkgever betekent de opzeg alleen geldig met een aangetekende brief of via een gerechtsdeurwaarder. Een overhandigde brief is nietig: het ontslag blijft, maar u betaalt dan een opzeggingsvergoeding. De brief vermeldt de begindatum en de duur van de opzeg.
De werkgeverskolom in de tabel kent twee grenzen. Voor contracten vanaf 1 juni 2026 stopt de opzeg bij 52 weken. En geeft u opzeg om het contract te laten eindigen op de wettelijke pensioenleeftijd, dan is de opzeg hoogstens 26 weken.
Bij een opzeg van minstens 30 weken moet u ook outplacement aanbieden. Een werknemer met een contract sinds 2014 haalt die grens bij 9 jaar dienst. De regels en termijnen staan in outplacement verplicht.
Opzegtermijn bediende en arbeider: één tabel sinds 2014
Voor de anciënniteit vanaf 1 januari 2014 maakt het statuut niets meer uit. Een bediende en een arbeider met evenveel dienstjaren krijgen dezelfde opzegtermijn, in beide richtingen.
Was de werknemer al voor 1 januari 2014 in dienst en ontslaat u hem, dan telt u twee delen op. Het eerste deel volgt de regels van eind 2013 voor de jaren tot dan, het tweede deel de nieuwe tabel voor de jaren daarna. Bij bedienden met een hoog loon en een lange loopbaan kan dat eerste deel zwaar doorwegen. De tool rekent die oude contracten niet uit: laat ze nakijken.
Wanneer begint de opzegtermijn?
De opzeg begint op de maandag na de week waarin hij ter kennis werd gebracht. Een aangetekende brief heeft uitwerking op de 3de werkdag na verzending, waarbij zaterdag meetelt en zon- en feestdagen niet.
Een voorbeeld. U verstuurt de aangetekende brief op maandag 2 november 2026. Hij heeft uitwerking op donderdag 5 november, en de opzeg begint op maandag 9 november 2026. De anciënniteit telt u op die maandag. Zit een werknemer net rond een grens, zoals zes maanden of een volle verjaardag in dienst, dan kan een week vroeger of later versturen een andere rij in de tabel geven.
Opzegtermijn berekenen: de tool en de vier stappen
De snelste weg is de rekentool opzegtermijn berekenen. Wie het zelf narekent, volgt deze stappen:
- Kies de kolom. Werkgever of werknemer, en de startdatum van het contract voor of vanaf 1 augustus 2026.
- Bepaal de start van de opzeg. De maandag na de week van de kennisgeving.
- Tel de anciënniteit op die maandag. Opeenvolgende contracten bij uzelf tellen mee, net als ziekte en vakantie.
- Lees de weken af en zet de einddatum. Tel het aantal weken vanaf die maandag. Bij een opzeg door de werkgever schuift die datum nog op als er schorsingen tussenkomen.
Wilt u liever meteen stoppen, dan betaalt u een opzeggingsvergoeding: het loon voor de hele opzegtermijn. Het weekloon van een bediende met een vast maandloon is het maandloon × 3 / 13. Voor een opzeg van 12 weken en een maandloon van € 3.000 is dat € 3.000 x 3 / 13 x 12 = € 8.307,69 bruto, plus de voordelen uit het contract.
Wat gebeurt er tijdens de opzegtermijn?
Ziekte en vakantie. Bij een opzeg door de werkgever houden ziekte, jaarlijkse vakantie, moederschapsrust, tijdelijke werkloosheid en enkele verloven de opzeg tegen. Wie betaalt wat als een werknemer ziek wordt tijdens de opzeg, staat in ziek tijdens opzegtermijn.
Sollicitatieverlof. Tijdens de opzeg mag de werknemer met behoud van loon afwezig zijn om werk te zoeken, gewoonlijk een halve dag per week. Bij een lange opzeg door de werkgever wordt dat in de laatste 26 weken een dag per week.
Tegenopzeg. Vindt de werknemer tijdens uw opzeg ander werk, dan mag hij vertrekken met een kortere opzeg: 1 week onder drie maanden dienst, 2 weken tot zes maanden, 3 weken tot een jaar en 4 weken daarna. Begon zijn contract op of na 1 augustus 2026, dan is de tegenopzeg in de eerste zes maanden 1 week.
Opzegtermijn bij een contract van bepaalde duur
Een contract van bepaalde duur kan alleen met opzeg eindigen in de eerste helft van de looptijd, en nooit later dan 6 maanden na de start. U gebruikt dan dezelfde tabel als bij onbepaalde duur. Daarna kan het contract alleen nog eindigen met een vergoeding: het loon tot de einddatum, maar nooit meer dan 2 keer de opzeg die bij onbepaalde duur zou gelden. Uitgewerkt met drie contracten in contract bepaalde duur opzeggen.
Alles over de opzegtermijn en het ontslag
Elke pagina hieronder beantwoordt één vraag. Begin bij wat op u van toepassing is:
- Opzegtermijn berekenen: de rekentool met einddatum.
- Opzegtermijn werkgever: de volledige tabel, het plafond en rekenvoorbeelden in euro.
- Nieuwe opzegtermijnen 2026: wat de wetten van mei en juni 2026 veranderen.
- Contract bepaalde duur opzeggen: opzeg in de eerste helft en de vergoeding daarna.
- Ziek tijdens opzegtermijn: de nieuwe einddatum en wat u doorbetaalt.
- Ontslagbrief werkgever voorbeeld: drie modelbrieven.
- Werknemer ontslaan: alle manieren om een contract te beëindigen, met de stappen en kosten.
Business Centrum rekent bij elk ontslag de opzeg uit op de juiste startdatum en anciënniteit, zet de aangetekende brief klaar en verwerkt de laatste loonfiche, de C4 en de Dimona-uitdienst samen met Acerta. Twijfelt u over een datum of een oud contract van voor 2014, laat het nakijken voor u de brief verstuurt.

